Voor ondernemers


Corona: fiscale maatregelen

Bron: Wijziging Besluit Wsfv

Ingangsdatum: Terugwerkende kracht vanaf 1-1-2020

Status: Doorgevoerd; 14-09-2020 gepubliceerd in staatscourant

Bijzonder uitstel van betaling vanwege coronacrisis stopt Een ondernemer kan de Belastingdienst vragen om uitstel van betaling. Dat geldt voor de volgende belastingen:

  • Alle aanslagen inkomstenbelasting;
  • Zorgverzekeringswet;
  • Vennootschapsbelasting;
  • Loonheffingen en omzetbelasting (btw);
  • Assurantiebelasting;
  • Kansspelbelasting;
  • Verhuurderheffing;
  • Milieubelastingen (opslag duurzame energie, energiebelasting, kolenbelasting, afvalstoffenbelasting, belasting op leidingwater);
  • Binnenlandse accijnzen (bier, wijn, tussenproducten, overige alcoholhoudende producten, minerale oliën en tabaksproducten) en verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken. Dit uitstel geldt automatisch voor drie maanden.

De mogelijkheid om belastinguitstel aan te vragen, eindigt per 1 oktober 2020. De overheid wil voorkomen dat het bedrag aan niet betaalde belasting verder oploopt. Wel krijgen ondernemers twee jaar de tijd om de opgebouwde belastingschuld weer af te lossen. Over deze belastingschuld wordt tot en met 31 december 2021 nagenoeg geen invorderingsrente (0,01%) gerekend.

Per 1 oktober 2020 gaat de belastingrente weer terug naar het oorspronkelijke niveau (4%). Voor ondernemers komt er op dit gebied extra ondersteuning. De belastingrente voor de vennootschapsbelasting wordt tot 31 december 2021 verlaagd van 8% naar 4%. Dit om de lasten te beperken van ondernemers die te maken krijgen met deze rente.

Ondernemers en het urencriterium De overheid handhaaft de ondernemersfaciliteiten voor starters en bestaande ondernemers die tussen 1 maart 2020 en 1 oktober 2020 niet kunnen voldoen aan het urencriterium. De Belastingdienst gaat ervan uit dat de starter/ondernemer voldoende uren heeft gewerkt.

Ondernemers met een te verwachten verlies in 2020 Ondernemers krijgen de mogelijkheid om een te verwachten verlies in 2020 te verrekenen met de winst over 2019. Daardoor wordt over 2019 de te betalen vennootschapsbelasting verlaagd. Zo kan de ondernemer dit verlies sneller verrekenen: normaal kan dit pas bij de aangifte vennootschapsbelasting 2020 en 2021.

Ondernemers en het gebruikelijk loon Als een ondernemer aantoont dat zijn onderneming een omzetdaling heeft door de coronacrisis, mag hij ook het gebruikelijk loon voor de DGA verlagen. Deze verlaging mag pro-rata maximaal gelijk zijn aan de daling van de omzet. Bij de beoordeling kijkt de Belastingdienst naar de omzet in dezelfde periode in 2019.

Berekening vaststelling gebruikelijk loon: Gebruikelijk loon 2020 = A x B/C

A = het gebruikelijk loon over 2019 B = de omzet (excl. btw) over de eerste vier kalendermaanden 2020 C = de omzet (excl. btw) over de eerste vier kalendermaanden 2019

Een ondernemer die door de coronacrisis een omzetdaling heeft, hoeft geen toestemming te vragen om het gebruikelijk loon te verlagen. Onderbouwing met bovenstaande formule is volgens de Belastingdienst voldoende. Wel stelt de Belastingdienst aanvullende voorwaarden: - De rekening-courantschuld of het dividend mag niet toenemen door het lager gebruikelijk loon. - Als het loon van AB-houder in werkelijkheid hoger was dan volgens de bovenstaande berekening, geldt het hogere, daadwerkelijk genoten loon.

Ondernemers en de werkkostenregeling Het kabinet heeft besloten om over het hele jaar 2020 de werkkostenregeling te verruimen. Werkgevers mogen dit jaar 3% van de fiscale loonsom tot € 400.000 onbelast besteden aan de werkkostenregeling. Boven € 400.000 blijft het oorspronkelijke percentage (1,18%) gelden.