Voor ondernemers


Heffingsmoment aandelenoptierechten voor startups

Bron: Aanbiedingsbrief Belastingplan 2021

Ingangsdatum: 1-1-2022

Status: Concept wetsvoorstel gereed februari 2021

Het kabinet wil het voor start-ups en scale-ups aantrekkelijker maken om werknemers te betalen met aandelenopties. Met de voorgenomen wijziging van het invorderingsmoment van de de loonbelasting, hoopt het kabinet dat deze bedrijven eenvoudiger werknemers aan kunnen trekken. Ook wil het kabinet op deze manier de ontwikkeling van jonge bedrijven stimuleren.

Aandelenoptierechten binnen de loonbelasting Een werkgever kan een werknemer een aandelenoptierecht verlenen. De werknemer kan daarmee aandelen in de onderneming op een later moment kopen tegen een vooraf vastgestelde prijs. Op het moment dat het aandelenoptierecht wordt uitgeoefend of vervreemd, wordt het gerealiseerde voordeel belast met loonbelasting. Het voordeel uit dienstbetrekking wordt gesteld op de waarde van het aandelenpakket op het moment dat het optierecht wordt uitgeoefend of vervreemd. Dat voordeel wordt verminderd met de kostprijs van de optie.

Voorbeeld

Hans gaat werken bij BrainTech. Een gebruikelijk salaris voor zijn functie bedraagt € 80.000 per jaar. Hans krijgt een vast loon van € 50.000 en een aandelenoptierecht met een uitoefenprijs van € 30.000. Na een paar jaar is de waarde van de onderneming flink gestegen. De waarde van het aandelenpakket is gestegen naar € 500.000. De belasting wordt geheven over het verschil tussen de waarde van de aandelen op dat moment (€ 500.000) en de uitoefenprijs (€ 30.000). Het voordeel uit dienstbetrekking bedraagt dan € 470.000. Dit bedrag wordt progressief belast in box 1.

Let op

Let op Zolang de realisatie van aandelenoptierechten nog tot loon kan leiden, behoort de waarde van deze aandelenoptierechten voor de inkomstenbelasting niet tot de grondslag van box 3.

Wijziging invorderingsmoment loonbelasting bij aandelenoptierechten Startende ondernemingen hebben vaak niet voldoende vermogen om hoge salarissen aan werknemers te betalen. Door het uitgeven van aandelenopties kunnen deze ondernemingen toch werknemers aan zich binden en concurreren met andere bedrijven. De belastingheffing over de aandelenopties vindt plaats als deze worden omgezet in aandelen. Medewerkers van start-ups en scale-ups worden dan geconfronteerd met een belastingheffing. De aandelen kunnen op dat moment vaak nog niet worden verkocht, ook mogen ze ze vaak niet aanbieden aan derden. De vennootschap kan de aandelen in veel gevallen niet terugkopen door een gebrek aan vrij vermogen, dus die mogelijkheid valt ook af. Het kabinet onderzoekt nu de mogelijkheid om het moment van heffing uit te stellen tot het moment dat de werknemer de aandelen verkoopt. Na de vervreemding van de aandelen heeft de werknemer middelen beschikbaar om de belastingaanslag te betalen. Ook zou aangesloten kunnen worden bij het tijdstip dat de aandelen verhandelbaar zijn.

Het kabinet werkt de maatregelen verder uit. Het doel is een concept van de nieuwe maatregelen te publiceren in februari 2021 voor internetconsultatie. Via onze nieuwsbrief houden we je op de hoogte van nieuwe informatie over dit onderwerp.

Voorbeeld

Bij Hans bedraagt het voordeel uit dienstbetrekking € 470.000. De aandelen zijn op dat moment alleen nog niet verhandelbaar. Hans heeft te weinig geld om de belasting te betalen. In de plannen van het kabinet wordt de belastingheffing uitgesteld tot het moment dat de aandelen verkocht worden of verhandelbaar zijn. Dan heeft Hans voldoende middelen om de belastingheffing te betalen.